Blog

Vrijwilligers verdienen keuzes

Tom Van de Velde van Hitch over autonomie, waardering en hoe organisaties met de Doorgeefvergoeding vrijwilligers echte keuzevrijheid geven.

Vrijwilligers verdienen keuzes

over autonomie, waardering en de Doorgeefvergoeding

Een interview met Tom Van de Velde in het kader van het project De Doorgeefvergoeding.

In het laboproject “De Doorgeefvergoeding” onderzochten we hoe vergoedingen ook collectieve impact kunnen hebben. Hitch, een expertorganisatie in vrijwilligersbeleid was projectparter en processbegeleider in dit project. We spraken met Tom Van de Velde over de rol van de Doorgeefvergoeding voor vrijwilligers, hun motivatie én hoe organisaties ermee kunnen starten.

1. Kan je Hitch even voorstellen?

Hitch begeleidt organisaties rond vrijwilligerswerk, leiderschap, organisatieontwikkeling en teamwerking. We doen dat vooral binnen de social profit en op plekken waar beroepskrachten en vrijwilligers samenkomen: in sport, cultuur, het sociaal-culturele veld en bij lokale besturen. Kortom, overal waar mensen zich vrijwillig inzetten. Voor Hitch staat één principe centraal: organisaties moeten gebouwd worden rond het engagement van mensen. Vroeger vertrokken organisaties vaak vanuit hun eigen logica en noden. Wij pleiten er net voor om te kijken naar wat mensen drijft, en op welke manier zij zich willen inzetten. Onze rol is om organisaties te helpen aansluiten bij die motivatie. Zo kunnen ze beter inspelen op hoe mensen vandaag geëngageerd willen zijn en hun werking toekomstgericht versterken.

2. Hoe verhoudt het idee van de Doorgeefvergoeding zich tot de filosofie van Hitch dat vrijwillig engagement ‘puur’ en intrinsiek moet zijn?

Ideaal vrijwilligerswerk biedt een antwoord op de zin voor autonomie van vrijwilligers. Daarnaast is het belangrijk om te werken aan een zo groot mogelijke betrokkenheid en aan te sluiten bij de aanwezige of gedroomde competenties. Bovendien speelt een engagement ook het beste in op intrinsieke motivatie. In de praktijk bestaan er altijd echter ook externe prikkels, zoals vergoedingen, opleidingen of netwerkkansen. Wij vinden het interessant dat de Doorgeefvergoeding een keuze geeft: je kan je vergoeding persoonlijk houden of collectief doorgeven. Dat versterkt de autonomie van de vrijwilliger.

3. Welke ervaringen van Hitch vormden inspiratie of waarschuwingen voor dit experiment?

In workshops voor organisaties proberen we vooral duidelijk te maken dat (potentiële) vrijwilligers nood hebben aan connectie, erkenning en ook duidelijkheid. Mensen hebben maar een beperkte tijd die ze kunnen spenderen aan hun engagement. Zorg er dus voor dat ze die tijd als waardevol ingevuld ervaren. Door een vergoeding te kunnen doorgeven aan een zelf of samen gekozen goed doel, ervaren mensen als het ware dubbele zinvolheid. We hebben tijdens het experiment wel gezien dat het belangrijk is om hierover heel duidelijk te communiceren. Wanneer er onduidelijkheid is over geld of beloning, ontstaan er snel spanningen. Die les nemen we mee: het moet heel transparant zijn wat er met een doorgegeven vergoeding gebeurt.

4. Hoe denk je om te gaan met mogelijke weerstand binnen organisaties of vrijwilligers wanneer het idee van doorgeven geïntroduceerd wordt?

We willen organisaties vooral laten zien dat de Doorgeefvergoeding een optie is, geen verplichting. Vrijwilligers die hun vergoeding echt nodig hebben, moeten die gewoon kunnen behouden. Het kan immers niet de bedoeling zijn om mensen met een hart voor engagement extra op kosten te jagen. Daar dient een vergoeding in se voor. De kosten voor vervoer etc die bij het engagement horen, vergoeden. De communicatie moet heel helder zijn: dit is een extra mogelijkheid om samen iets te realiseren, niet een besparingstrucje.

5. Wat zijn volgens jou de belangrijkste organisatorische randvoorwaarden om de Doorgeefvergoeding op schaal bruikbaar te maken?

Eenvoud en vertrouwen. Organisaties moeten het administratief kunnen verwerken zonder extra papierwerk. Voor vrijwilligers is het essentieel dat ze inspraak hebben en kunnen volgen wat er met het geld gebeurt. Een digitale tool kan daar een enorme hulp in zijn.

6. Hoe zou je idealiter de rol van de vrijwilligers zelf zien in het beheer van de doorgeefpot of collectieve beslissingsprocessen?

Vrijwilligers moeten zelf kunnen kiezen of ze deelnemen én mee bepalen waar de middelen naartoe gaan. Maar het moet licht en praktisch blijven: liever een eenvoudig stemsysteem of een paar keuzemogelijkheden dan ellenlange vergaderingen. Het systeem mag de motivatie niet in de weg staan. Idealiter is het een manier waarbij de organisatie extra connectie kan opbouwen met haar vrijwilligers en is het een gemeenschappelijk doel.

7. Welke vormen van waardering zien jullie als complementair aan of concurrerend met de Doorgeefvergoeding?

We zien het niet als concurrentie. Kleine connectie zoals een persoonlijk woordje, een verjaardagswens, een babbeltje van 5 minuutjes, eventueel aangevuld met wat wij grote connectie noemen zoals een jaarlijkse uitstap of barbecue blijft cruciaal. De Doorgeefvergoeding kan daar bovenop komen als een innovatieve extra, zoals gezegd misschien als een extra manier om de organisatie te verbinden met haar vrijwilligers.

De Doorgeefvergoeding sluit mooi aan bij het ABC-principe van motivatie:

  • Autonomie – Vrijwilligers beslissen zelf of en hoe ze deelnemen.

  • Betrokkenheid – Samen doelen kiezen versterkt het groepsgevoel.

  • Competentie – Door hun bijdragen te bundelen, realiseren vrijwilligers iets tastbaars dat groter is dan henzelf. Samen kunnen ze meer.

8. Wat zijn voor jou de grootste onzekerheden of risico’s bij het uitrollen van dit experiment over heel Vlaanderen?

Een risico is dat dit experiment verkeerd geframed wordt, alsof vrijwilligers “hun vergoeding moeten afstaan”. Dat zou het draagvlak ondermijnen en klopt ook niet. Ook de administratieve haalbaarheid blijft spannend: hoe zorg je dat het niet meer werk oplevert dan het oplevert? Ten derde moeten we ook kijken naar de wettelijke kant. Mensen krijgen een vergoeding en daar horen ook regels bij. Wat echter wanneer zij die vergoeding doorstorten?

9. Hoe meet je succes van dit experiment? Wat zijn indicatoren dat de Doorgeefvergoeding werkt?

Succes meten we niet alleen in cijfers – hoeveel vrijwilligers deden mee, hoeveel euro’s werden doorgegeven – maar vooral in het effect op gemeenschapszin. Voelen vrijwilligers zich sterker verbonden met hun groep of organisatie? Dat is voor ons een belangrijke graadmeter.

10. Als je één tip zou mogen geven aan een vrijwilligersorganisatie die dit wil adopteren, wat zou die tip zijn?

Begin klein en communiceer helder. Start bijvoorbeeld met één projectgroep en kies samen een concreet doel. Zorg dat vrijwilligers begrijpen dat het om een vrije keuze gaat, en toon snel de impact van hun bijdrage. Dan groeit de motivatie vanzelf.

Lees hier een interview met onze collega Servaas over het project De Doorgeefvergoeding.

Wil je zelf aan de slag met de Doorgeefvergoeding? Lees en bekijk hier meer verhalen of download onze infobundel.

Download hier de infobundel

Hier mee bezig?

Plan een vrijblijvend gesprek

Vertel ons wat je wil opzetten, dan denken we mee.